• Key Groep
  • Blogs
  • Schiet het kabinet met het aankomende wetsvoorstel van loondispensatie in de participatiewet zijn doel voorbij?

Schiet het kabinet met het aankomende wetsvoorstel van loondispensatie in de participatiewet zijn doel voorbij?

“Werk biedt bestaanszekerheid voor mensen, ook voor mensen met een arbeidsbeperking. Werk is de beste remedie tegen armoede, schulden en sociale uitsluiting. Werk levert sociale contacten op en ook kansen op persoonlijke ontwikkeling. En werk hangt positief samen met gezondheid en geluk.”(1)

 

Dit citaat uit de kamerbrief van staatssecretaris Van Ark (van maart dit jaar), vormt de kern voor het wetsvoorstel rondom de invoering van loondispensatie in de Participatiewet, die eind deze zomer plaatsvindt. Het wetsvoorstel draagt bij aan de visie van het kabinet om arbeidsbeperkten (iedereen die nooit zelfstandig minimaal het minimumloon kan verdienen, in Nederland bijna 200.000 werknemers) zoveel mogelijk aan het werk te krijgen. Werk is volgens Van Ark de heilige graal tot individueel geluk. De laatste jaren, sinds de invoering van de Participatiewet, zijn er steeds meer mooie cijfers te vinden over het aantal nieuw gecreëerde banen en de toename in arbeidsbeperkten die werken. Ook in mijn directe omgeving (werk en privé) zie ik positieve signalen, mensen die zich met passie en bevlogenheid inzetten voor deze doelgroep. Een overwinning van de participerende samenleving.

Het nieuwe wetsvoorstel vervangt het huidige systeem van loonkostensubsidie binnen de Participatiewet door een loondispensatie regeling. Waar eerst vooraf het volledige loon werd uitbetaald door de werkgever en vervolgens een vergoeding kon worden gedeclareerd bij de gemeente (loonkostensubsidie), hoeft de werkgever in de nieuwe regeling slechts de daadwerkelijke loonwaarde van de werknemer uit te betalen (loondispensatie). Aantrekkelijk voor werkgevers. Niet alleen vanwege de verminderde financiële betrokkenheid namens de werkgever bij de arbeidsbeperkte, maar tevens maakt dit systeem het veel minder ingewikkeld voor werkgevers om een arbeidsbeperkte in dienst te nemen door de vermindering van administratieve lasten. Als kers op de taart zorgt de verandering ervoor dat er eindelijk een eenduidig systeem is, de arbeidsbeperkten vallende onder Wajong vielen immers al onder het loondispensatie systeem. Ingewikkeld.

De verwachting is dat het nieuwe systeem zal leiden tot gewilligere werkgevers en dus meer baankansen voor arbeidsbeperkten. Tegelijkertijd wordt er veel geld bespaard door de overheid. Simpel gezegd: de gemeente betaalt niet langer volledige subsidies aan werkgevers, maar vult het loon van de werknemers afzonderlijk aan tegen, in sommige gevallen, minder hoge bedragen. Het rest bedrag zal volledig en direct worden geïnvesteerd bij gemeenten in de uitvoering van de Participatiewet. Ook wordt voldaan aan de wens om werken daadwerkelijk te laten lonen. Iemand in het loonkostensubsidie systeem die momenteel niet in staat is om zelf minimaal het sociaal minimum te verdienen (€ 900) kan nu net zo goed thuis op de bank gaan zitten, omdat hij/zij van de overheid dit bedrag toch al ontvangt in de vorm van een uitkering. In het nieuwe systeem zal de drijfveer voor arbeidsbeperkten om toch die 1 à 2 dagen aan het werk te gaan groter zijn, omdat dit ze nu wel financieel voordeel zal opleveren.

Toch werd de hoofdlijnennotitie van het wetsvoorstel (die tezamen met de kamerbrief werd voorgelegd) met veel bombarie ontvangen door, onder andere, de doelgroep. Een (tegen)petitie werd gestart met inmiddels 88.107 handtekeningen, een complex debat in de tweede kamer (26 april jl.) volgde, en het verdrag van de VN voor mensen met een arbeidsbeperking zou in het geding zijn. Opvallend. Hoe kan het zijn dat deze nieuwe maatregel, gericht op het verhogen van de baankans, juist door de doelgroep zelf zo negatief wordt ontvangen?

Het dilemma wat speelt met betrekking tot de invoering van loondispensatie blijkt als volgt: is het te rechtvaardigen dat bepaalde groepen arbeidsbeperkten worden benadeeld ten koste van het “algemeen belang” van arbeidsbeperkten? Want zo blijkt het te zijn. De last wordt weggenomen bij werkgevers, maar verschoven naar de arbeidsbeperkten zelf. Zij zullen zelf hun aanvullende uitkering moeten gaan regelen bovenop hun loon (bij de gemeente aankloppen voor aanvullende bijstand, wijzigingen in inkomen doorgeven etc.). Tegelijkertijd zullen ze als gevolg hiervan twee afzonderlijke uitbetalingen ontvangen. Een zwakkere doelgroep waar we het gezamenlijk iets complexer voor gaan maken.

Daarnaast wordt er door de overheid mijns inziens op dit moment te makkelijk aan voorbijgegaan welke negatieve financiële gevolgen deze nieuwe maatregel kan hebben. Bent u arbeidsbeperkt en bent u niet uitkeringsgerechtigd? Dan gaat de aanvulling aan uw neus voorbij. En dit is geen kleine groep. Denk aan jongeren vanuit het praktijkonderwijs die (vaak ook voor langere tijd) thuis wonen, of werknemers met een partner met een ‘normaal’ inkomen. In de hoofdlijnennotitie is het volgende beschreven: “Het budgettaire kader uit het regeerakkoord voorziet niet in een aanvullende uitkering voor niet-uitkeringsgerechtigden. Niet-uitkeringsgerechtigden gaan er altijd op vooruit wanneer zij met loondispensatie gaan werken. Zij gaan immers loon ontvangen.” Verassend, deze groep mag dus volgens Van Arkel al blij zijn dat ze überhaupt loon ontvangen? Maar mogen we in Nederland dan opeens volwaardige mensen aannemen tegen een bedrag onder het minimumloon? Oh, en niet-uitkeringsgerechtigden die nu al werken onder het huidige systeem? Goedwillende arbeidsbeperkte X (thuiswonend), op dit moment werkend (met loonwaarde 50%) onder het loonkostensubsidie systeem, ontvangt nu voor 100% het minimumloon vanuit de werkgever, maar zal straks zomaar opeens slechts de helft van zijn inkomen ontvangen, zonder aanvullingen.

De vraag rijst, schiet het kabinet met het nieuwe wetsvoorstel zijn doel voorbij? We beogen een samenleving waarin niemand wordt uitgesloten en iedereen kan participeren. De sleutel die hiervoor wordt genoemd is werk. Dat is mooi, maar ten koste van wat? Tegelijkertijd vraag ik me af, verdienen arbeidsbeperkten het om altijd afhankelijk te blijven van een aanvullende bijstand, terwijl zij wel gewoon volwaardige uren werken? In hoeverre beschouwen we deze dan als gelijke? Ook blijkt dat het kabinet inmiddels van mening is dat het opbouwen van een pensioen in deze tijd een minder belangrijk thema is. In de hoofdlijnennotitie staat: “Dit betekent dat mensen die met loondispensatie werken meestal weinig of geen aanvullend pensioen opbouwen. Daartegenover staat dat de werkgever en de werknemer ook nauwelijks of geen premies voor aanvullend pensioen hoeven af te dragen.'' Dit lees ik als: u mag vanaf nu geen wortels meer kopen in de supermarkt, maar u hoeft er ook niet meer voor te betalen!

Tot slot zou ik graag nog een keer het eerder geformuleerde dilemma naar voren willen halen: is het te rechtvaardigen dat groepen arbeidsbeperkten worden benadeeld ten koste van het “algemeen belang”? En daaraan toevoegen: zonder dat zeker is dat dit algemene belang gediend wordt. Mijn grootste zorg is namelijk: klopt de onderliggende assumptie dat door het invoeren van loondispensatie werkgevers echt gewilliger tegenover het aannemen van arbeidsbeperkten gaan staan… en zo dus meer banen worden gecreëerd (overigens interessant om op te merken is dat de marktsector op dit moment ruimschoots voldoet aan gestelde doelstellingen tot het creëren van banen maar de overheidssector juist achter blijft). Zoals te lezen is in een artikel van Borghouts (2015) zijn de factoren die een rol spelen bij het aannemen van een arbeidsbeperkte door een werkgever omvangrijker dan enkel de administratieve last.(2) Zo is de beeldvorming tegenover arbeidsbeperkten van een werkgever bijvoorbeeld van veel groter belang tot het wel of niet in dienst nemen. Naast het wegnemen van de administratieve rompslomp zijn er andere middelen denkbaar om werkgevers over de brug te krijgen. Denk bijvoorbeeld aan vormen van begeleiding en het informeren van werkgevers. Daarbij kan kwalitatief goede jobcoaching op de werkvloer lasten uit handen nemen van werkgevers. Moet het kabinet hier niet veel meer op inzetten? Of is er een reden dat het zich richt op maatregelen die ook toevallig leiden tot bezuiniging?

Oké, ik klink misschien pessimistisch, maar al met al heb ik toch het idee dat het kabinet wel degelijk werkt vanuit de goede bedoelingen. Belangrijk in dezen vind ik dat er inderdaad gekeken moet worden naar een systeem waar werken ook echt loont (wat loondispensatie wel degelijk kan bereiken). Er zijn echter nadelen met betrekking tot het komende wetsvoorstel, waarbij ook het doel uiterst discutabel is. Mijn wens? Dat het kabinet de doelgroep optimaal betrekt en een zorgvuldige afweging zal maken bij het kiezen van de richting die ingeslagen wordt. Ik ben benieuwd of er oplossingen worden bedacht en wijzigingen worden doorgevoerd op het eerste plan. De Participatiewet heeft reeds een korte historie met al meerdere uitglijders. Laten we hiervan leren en ons niet enkel richten op het maximaal laten participeren van de doelgroep op de werkvloer, maar het optimaal laten participeren van de doelgroep in onze samenleving!

(1) Fragment uit Kamerbrief Hoofdlijnennotitie Loondispensatie Participatiewet, T. van Ark

(2) Borghouts, I., Dekker, R., Freese, C., Oomens, S., & Wilthagen, T. (2015). Het werkt niet vanzelf: Over loonprikkels als instrumenten in de Participatiewet.